donderdag 15 maart 2012

Hergebruik

Gisteren liep ik door de Utrechtsestraat langs een computerwinkel. Er hing een bord waarop te lezen stond: 'Printerinkt, kost bijna niks.'  Dat werd tijd. Tegenwoordig heb je niet alleen de dierenmaffia die kapitalen aan je huisdier verdienen, maar ook de printerinkt- en batterijmaffia. Het is goedkoper om een nieuwe printer te kopen dan inktpatronen aan te schaffen. Eigenlijk geheel tegen mijn principes gooi ik allerlei haperende apparaten weg, alleen maar omdat je ze nergens kunt laten repareren. Misschien dat dat binnenkort verandert. Men begint zo langzamerhand wel in te zien dat de bergen afval dadelijk groter worden dan ons leefgebied. In de oceanen drijven eilanden van plastic zo groot als Ierland. Flessen en zakken die slecht opgevoede individuen in het water hebben gepleurd. Het is toch om je dood te schamen.

Vuilniseiland door mensen geschapen

In de jaren 50 èn 60 ging het bij ons thuis als volgt. koffiefilters werden na gebruik uitgespoeld en opnieuw gebruikt. Plastic boterhammenzakjes idem dito. Ik zie die lullige plastic zakjes nog bengelen aan het droogrek van het balkon. Ik had een enorme hekel aan dat zuinige gedoe. Maar als ik tegenwoordig een kopje koffie maak met een koffiepad, denk ik onwillekeurig terug aan die tijd. Had je een ladder in je nylonkous dan bracht je hem naar een dame die gespecialiseerd was in het ophalen. Vijf dagen wachten en je kon je kous, zo goed als nieuw, letterlijk ophalen.
Het was een tijd vol ongemak en taai ongerief en de luxe waarin ik nu leef is nooit vanzelfsprekend. Daarom geniet ik er zo van. Een foto maken en gelijk het resultaat kunnen zien in plaats van te pielen met een filmrolletje, slechte foto's maken naar de fotograaf brengen en een week later de beroerde resultaten zien. Of een liedje horen op de radio en er 5 jaar over doen om er achter te komen wie het gezongen heeft. Nu: even naar YouTube.
Ik doe nog steeds jaren met apparaten terwijl men verwacht dat je om de twee jaar een nieuwe computer, printer, mobieltje of fototoestel koopt. Ik zocht een nieuwe batterij voor een oud mobieltje en werd keihard uitgelachen in de Phoneshop. 'Mevrouw, dat model wordt allang niet meer gemaakt. Dat is van 20 generaties geleden.'
Alleen de schoenmaker verwelkomt me met open armen. 'Nieuw hakje, mevrouw, doen we toch. Morgenmiddag klaar.'
Ik ben al twee jaar op zoek naar zwarte laarzen, het juiste model kan ik niet vinden. Weet je wat, dacht ik, ik heb nog goede bruine laarzen die al 5 x verzoold zijn. Ik ga ze zwart verven. Bij de schoenmaker kocht ik voor een tientje speciale lederverf en het was in een half uurtje gepiept. Dat zouden meer mensen moeten doen.

Nog één verflaag en ik heb zwarte laarzen

dinsdag 28 februari 2012

Dat doet-ie anders nooit

De gemeente pompte het afvalwater in het leefgebied van onze zwemvogels, de gluiperds

Afgelopen zaterdag lag er een brief van de gemeente in de bus. Maandag worden de ondergrondse vuilniscontainers opgehoogd omdat ze vol met water gelopen waren. Ik liep er gisteren langs en inderdaad, werkmannen hadden de containers uitgegraven en een afzuigpomp geïnstalleerd. Het gore water werd afgevoerd in het leefgebied van onze eenden, meerkoeten, zwanen, futen en aalscholvers. Ik had tegen HS gezegd: 'Ik laat die vuilniszak nog even binnen staan tot de heren klaar zijn. ' HS luistert net zo goed als Bob en hoort:'Blablabla, blablablabla.' 'Oke."

Vanochtend werd er aan de deur gebeld. Het vrolijke deuntje dat klonk, deed me het ergste vermoeden. Vast niet de Postcodeloterij. Ik deed de deur open en voor me stonden twee mannen in uniform. 'Goedemorgen, mevrouw, Handhaving. Wij hebben een vuilniszak aangetroffen náást de container en het onderzoeken van de inhoud leidde ons naar uw adres. Dat is dan 85 euro boete.' 'Wie zijn dat?', riep HS van beneden. 'Handhaving, we krijgen een boete voor een fout geplaatste vuilniszak.' Ik schoot gelijk in de diplomaatmodus want ik bevond me tussen twee vuren. De heren die hun werk doen en een vloekende man beneden die enorme, zinloze stennis gaat schoppen. 'Zeg maar dat ik, godverdomme, invalide ben, vuile gluiperds.' Vriendelijk legde ik uit dat gisteren de containers niet beschikbaar wegens werkzaamheden en dat mijn man, slecht ter been, invalide, zeg maar, niet in staat was geweest de zak weer mee naar huis terug te nemen. Ze noteerden mijn gegevens met korte uitleg. Overhandigde een kopie. 'U kunt binnenkort een acceptgiro verwachten en u kunt daartegen bezwaar maken.' Goedemorgen.
Vroeger als ik naar werk wandelde, werd ik gepasseerd door fietsers die gemakshalve op de stoep reden en bij het stoplicht, uiteraard door door rood via de zebra overstaken.Geen politie-agent te zien. Tot ik door het rode stoplicht liep, er kwam helemaal geen autoverkeer aan. Onmiddellijk doemde er een agent naast me op. 'Mevrouw, weet u dat u moet wachten tot het licht groen is?' Gluiperds, ga toch echte boeven vangen. Het is zinloos om tegen mannen in uniform tekeer te gaan. Die horen ook alleen:'Bla, bla, bla, bla, bla, bla ,bla, pannenkoek.'

zondag 19 februari 2012

De opvoeding van Bob


Het voordeel van katten is dat ze nooit op hun eigen gaan wonen

De opvoeding van een kat is een stuk eenvoudiger dan die van een kind. Bob jengelt niet, hij huilt niet als hij zijn zin niet krijgt. Hij staart mij alleen maar zielig aan. En dat houdt hij heel lang vol.
Ik ben zelf van de richting: eten wat de pot schaft en pas als je bord leeg is, krijg je verse brokjes of vlees. Denk aan al die hongerige katten in Afrika. Mijn huisgenoot had de gewoonte Bob, zodra hij piepte, te voorzien van alles dat hij lekker vindt. Melk (dat is voor kittens, zeg ik) en de 'jus' of gelei van het natte voer. Bob werd een papkindje dat te lui was om te kauwen.

Ik heb het regime veranderd. Ik geef hem een heel klein beetje, als dat op is, en dat duurt soms een hele dag, krijgt hij meer. Het grootste probleem is om HS op één lijn te krijgen. Mijn nieuwe aanpak begint vruchten af te werpen.. Bob springt in de keuken op de pooltafel zodat hij oog in oog met ons zit. Je zou bijna medelijden met hem krijgen.Ik negeer Bob's verwijtende blik. Soms trekt hij HS aan zijn shirtje. Die trapt er ook niet meer in. Hij aait hem over zijn bolletje of borstelt hem met een speciaal borsteltje dat hij voor Bob gereserveerd heeft. Maar hij gaat gelukkig niet over tot het opentrekken van een blikje. Als Bob zou kunnen praten zou hij zeggen:'Ik heb trek in iets lekkers.'
Bob zit nu met lange tanden op taaie brokken te kauwen. En eet zowaar het hele bordje leeg. Ik prijs hem en geef hem 5 verse brokjes waar hij er 2 van eet. Daarna krabt hij de bank, de leren stoelen en het Perzisch tapijt aan flarden. Dat is poezentaal voor: 'Ik wil naar buiten.' Nu de sneeuw verdwenen is maakt hij weer zijn dagelijkse ronde over Steigereiland en doet zijn behoefte lekker in de open lucht.
Het is zo eenvoudig, opvoeden is consequent zijn. Met een kat lukt me dat. Kinderen zouden HS en ik genadeloos tegen elkaar uitspelen.

woensdag 8 februari 2012

vrijdag 3 februari 2012

Winter 2012

Hans verveelt zich nooit en knutselt zoals gewoonlijk
Bob kan nu ook op het ijs lopen maar ik geloof niet dat hij dat door heeft.
Waar zijn de eenden en meerkoeten? En de mensen?
Ik ging gisteren in mijn Elfstedentochtkleding boodschappen doen. De grootste hobbel die je hier moet nemen is de brug naar het winkelcentrum. Gevoelstemperatuur -20. Ik had een warme muts op en daarover heen een capuchon en nog sneed de wind door mijn wangen. Het IJmeer was op een fantastische manier bevroren, in golfjes. Alsof het van de een op de andere seconde stil was blijven staan.Het leek de Wolga wel.
De Britse journaliste die laatst op bezoek kwam vroeg of de bewoners van Steigereiland een hechte gemeenschap vormden. De jonge vrouw verwachtte een enthousiast, positief antwoord in de trant van: Ja, we staan altijd voor elkaar klaar. Als je ziek bent brengen de buren een pannetje soep enzovoorts. 'Nee', zei ik, 'ik zie de buren nooit. Overdag is het hier uitgestorven.'

woensdag 1 februari 2012

Raam bewassing

Bob wacht geduldig
De buurman had vorig jaar een bedrijf bereid gevonden onze ramen te zemen. Dat is natuurlijk niet eenvoudig als je woning omgrensd wordt door water. De heren glazenbewassers, zoals dat tegenwoordig heet, stonden op een houten vlotje waarop een klein steigertje was geplaatst. De amateuristische constructie deed me het ergste vrezen. De schoonmakers zagen er uit als alcoholische taakstraffers. Of taakgestraften. Eén van hen kwam, op verzoek van HS, bij ons binnen om een bijna niet te bereiken stukje glas te bewassen. Hij liep met zijn moddervoeten op mijn Perzisch tapijt en maakte een gore vlek die ik, tot op de dag van vandaag, niet heb kunnen verwijderen. Hij riep tegen zijn maat die buiten stond: 'Als dit klaar is nemen we een biertje.' Zijn collega knikte opgelucht. Dat hadden ze wel verdiend.

Gisteren kwam Bob via het keukenraam annex deur binnen. Het viel me op hoe ontzettend smerig het glas en de buitenboel was. 'Weet je wat', dacht ik, 'ik mail Leo-Peter en vraag wanneer de glazenwassers weer komen. Beter iets dan niets.' Een minuut later kreeg ik al antwoord. Het bedrijf was failliet en Leo-Peter was allang verhuisd.
Ik ben zelf maar op zoek gegaan en vond een professioneel bedrijf in Diemen, op steenworp afstand. De baas komt vanmiddag langs om de situatie te bekijken.
Gisteren werden we uit ons bed gebeld door de technische dienst die de terrasdeur gerepareerd heeft.  De technicus raadde me wel aan de deur niet op openraamstand te zetten als het hard waait. Dan heb je kans dat de constructie het begeeft en de verraderlijke deur ons allen verplettert. 'Dat is goed om te weten', zei ik tegen de man.
Bob rende gelijk naar buiten maar kwam binnen 30 seconde weer binnen. Brrr, te koud.

Snel weer naar binnen

zondag 22 januari 2012

Woongenot

Grote Wittenburgerstraat in het crisisjaar 1934

Heeft het nog zin om naar een sociale huurwoning te zoeken? Niet dat ik hier weg wil maar je weet nooit hoe lang de financiën het toelaten te blijven. Het is bijna een belediging wat Woningnet mij durft aan te bieden. Voor alle zekerheid sta ik ingeschreven met 2 personen. Een tochtgat van 30 vierkante meter, maandelijkse huur 380 euro, daar zou je, volgens de woningdienst, met z'n tweeën tevreden mee moeten zijn. Die hele sociale huurhuizen stellen niets meer voor. Het systeem is achterhaald. Je kunt beter met een aantal mensen een oude, lege school of fabriek huren of kraken en die verdelen in woonruimtes. Gemakkelijker gezegd dan gedaan.
Ik maak me er zo kwaad om omdat ik, verdomme, al vanaf 1982 sta ingeschreven bij dit achterlijke gedoe. Het lijkt de Sovjet-Unie wel.

Virginia Woolf, een eigen kamer maar toch niet gelukkig
Toen ik nog niet zo lang in Amsterdam woonde, in belachelijke achterkamertjes met muurtjes van hardboard en een hoge huur, geen eigen wc of douche, kreeg ik een aanbod van collega's om hun huis te kraken. Zij gingen verhuizen en het pand zou gesloopt worden. Er werd mij verteld gewoon huur te betalen want, als je een jaar illegaal in die woning zat, had je recht op vervangende woonruimte. 'Eigenaardige stad, Amsterdam', dacht ik, 'als je voordringt en iets tegen de wet doet, word je beloond.' Ik herinner me de eerste dag in het gehorige huisje, wat zou het zijn geweest, 34 vierkante meter verdeeld over 3 kamertjes. Ik stond in het kleine keukentje met de ouderwetse kastjes met glazen ramen en ik was dolgelukkig. Een eigen keuken. Geen gezeik van medebewoners, helemaal van mezelf.
De laatste winter dat we er woonden was onder erbarmelijke omstandigheden. De buren waren al vertrokken. Er werd dus niet meer gestookt en de isolatie van ons woninkje bestond uit slechtklevende tochtstrips. We hadden ons verschanst in het woonkamertje (waar mijn eerste kat Daisy, de schat, een jaar eerder, besprongen was door de rode buurkater en volkomen onverwachts 5 kittens ter wereld bracht) bij de gaskachel. Daarnaast brandde ook nog een butagaskacheltje. Gelukkig kregen we snel een woning aangeboden in de Jordaan, ik geloof ook slechts 32 vierkante meter, zonder douche en, uiteraard, op geen enkele wijze geïsoleerd waar we ook nog een paar jaar naar tevredenheid hebben gewoond.
Toen begon ik te verlangen naar, wat Virginia Woolf noemt, A Room of One's Own.